AlgemeenPERUVIAN CAVIA
Land van herkomst: Zuid Amerika
Korte geschiedenis van het ras:Cavia’s vinden hun oorsprong in Zuid Amerika waar ze door de Inca’s min of meer als huisdier werden gehouden. Op het moment dat de Spanjaarden in het begin van de 16e eeuw het continent ontdekten, troffen ze deze dieren aan. Er kwamen naast de goud-agouti al verschillende kleuren voor en de dieren waren redelijk tam. Waarschijnlijk hebben de Inca’s de cavias voor
consumptie gehouden. Tot op heden is caviavlees nog steeds een delicatesse in Zuid Amerika. Daarnaast werden cavia’s gehouden om te offeren aan de goden. In het begin van de 18e eeuw werden in verschillende europese landen cavia’s gehouden. De Europeanen zagen weinig heil in het eten van hun vlees en
de meeste cavia’s kwamen in laboratoria terecht maar werden ook gehouden als huisdier. Het zijn vooral de Engelsen geweest die zich op het fokken van cavia’s gericht hebben. Bekend is dat er in de 19e eeuw in Engeland al tentoonstellingen gehouden werden waarbij cavia’s op hun uitelijk beoordeeld werden. De gebruikelijke naam voor cavia was destijds “guinea pig”, deze
benaming wordt in engelstalige landen nog steeds gebruikt maar tegenwoordig hoor je ook steeds vaker “cavy”.
Inmiddels zijn cavia’s de meest gehouden en geliefdste knaagdieren, de diverse kleuren waarin ze oorspronkelijke werden aangetroffen zijn alleen maar uitgebreid. Ook zijn er inmiddels verschillende vachtstructuren en vachtlengten bekend.
Langharige cavia’s, ook wel Peruvianen genoemd, zijn populaire huisdieren.
RasbeschrijvingKop: breed en stomp met gebogen neus, korte nek, goed ontwikkelde wangen. Grote, ronden en bolle ogen met een heldere uitdrukking.
Oren: schuin aangezet, onbehaard, naar beneden gericht, in het midden een golfje vertonend.
Lichaam: krachtig en gespierd, gedrongen, mooi afgerond, hoge, brede en goed ontwikkelde schoft, korte, brede en rechte rug, diepe, brede en volle borst. Korte pootjes recht en stevig, rozetten op de achterhand
Voeten: voorvoeten hebben vier tenen en aan de achtervoeten drie.
Vacht: glanzend, zacht aanvoelend, alleen het haar op de voorsnuit is kort. Ze hebben een rozet op de kop waardoor het lange haar naar voren valt waardoor de snuit niet zichtbaar is. Scheiding precies in het midden van de rug. Op elke heup een rozet. Tevens hebben ze een sleep (extra lange beharing aan de achterzijde)
Kleur: allerlei verschillende kleuren, meest voorkomend is driekleur, zwart, wit, rood.
Gewicht: tussen 900 en 1200 gram
Levensduur: zes tot acht jaar.
GedragDe cavia is een dagactief, sociaal levend dier dat een
uitstekend gezelschapsdier is. In de natuur leven ze als kolonies en ook als huisdier hebben ze graag het gezelschap van soortgenoten of in elk geval voldoende aandacht van hun verzorger. Indien u meerdere cavia’s wilt houden kunt u beter zeugjes (vrouwtjes) houden dan beertjes. Volwassen beren kunnen nogal intolerant zijn ten opzichte van elkaar. Cavia’s produceren allerlei geluiden om te communiceren, en staan erom bekend dat ze vrijwel nooit bijten.
Als ze ergens van schrikken weren ze zich niet af door te bijten maar verstarren ze volledig. Ze zijn uiterst zindelijk en erg schoon op zichzelf. Ze zijn vrij eenvoudig tam te maken. Ze worden sneller vertrouwd als ze regelmatig wat lekkers uit de hand krijgen.
Huisvesting en verzorgingHuisvesting: cavia’s kunnen in de zomer buiten leven, bijvoorbeeld in een konijnenren met uitloop. Een dak is niet echt nodig omdat cavia’s niet springen, maar het is wel handig om ze te beschermen tegen katten. Het nachthok moet natuurlijk tochtvrij zijn. Cavia’s kunnen niet zo goed tegen kou, warmte en regen en hebben hiertegen bescherming nodig. Als de temperaturen gaan dalen
moeten ze beslist tochtvrij of binnenshuis gehouden worden. Ook tegen te hoge temperaturen moeten ze beschermd worden. De optimale temperatuur ligt tussen 17 en 24 graden Celsius. Een goed buitenverblijf heeft een binnenhok waarin ze beschutting kunnen vinden. Ze hebben buiten de neiging om holen te graven, zorg er dus voor dat ze niet kunnen ontsnappen. Cavia’s die buiten leven zijn minder tam dan dieren die continue binnen zijn. Een goede caviakooi voor binnenshuis heeft een minimaal oppervlak van 60 bij 40 cm en liefst nog groter als de dieren geen kans krijgen om regelmatig buiten de kooi te verblijven. Cavia’s hebben graag wat beschutting dus een huisje is wel prettig. Op de bodem legt u hooi en geen houtstrooise of zaagsel in verband met de langharige vacht. De
etensbakjes moeten zwaar zijn omdat ze anders kapot geknaagd worden. Water kunt kunt u het beste in een drinkflesje geven.
Voedsel: Er zijn twee voedselbestanddelen die de cavia absoluut nodig heeft om gezond te blijven. Ten eerste ruwe vezels en hiervoor is hooi het beste geschikt en daarnaast vitamine C omdat een cavia deze zelf niet kan aanmaken. Vitamine C kan gegeven worden in de vorm van een tabletje of druppels in het drinkwater. Zonder vitamine C zal een cavia sterven. Gemiddeld eten
cavia’s ongeveer 60 gram voedsel per dag, geschikte groenten en fruit zijn appel, witlof, wortel, boerenkool en andijvie. Koolsoorten en sla het liefst in kleine hoeveelheden en alleen aan volwassen dieren. Ze hebben een heel gevoelig spijsverteringskanaal en te veel sla en koolsoorten leiden tot diarree. Als basisvoer kan kant-en-klaar voer gebruikt worden.
Verzorging: Een optimale verzorging van de vacht vraagt om veel inzicht en tijd van de eigenaar. Elke dag moet de vacht worden nagekeken op strootjes en dergelijke. Kam en borstel een langharige cavia elke dag zodat klitten geen kans krijgen. Het is beter om eens in de zoveel tijd het haar wat korter te knippen. Verder houdt u de nageltjes bij. Olifantstanden komen
regelmatig voor bij knaagdieren, indien de cavia moeilijk gaat eten dient u hiermee naar de dierenarts te gaan deze kan de snijtanden kort knippen. Als hij eenmaal last heeft van olifantstanden blijft dit zijn hele leven zo en moet het gebit dus regelmatig gecontroleerd worden. Het verblijf dient u (bij één cavia)
eens per week schoon te maken en eens per maand goed te ontsmetten.
Geslachtsonderscheid: het verschil is goed te zien. U kunt lichte druk uitoefenen aan beide zijden van de geslachtsopening. Het geslachtsorgaan van het mannetje wordt hierdoor zichtbaar.
|